EPBD IV zichtbaar in de bouwpraktijk: nieuwe eisen vanaf 29 mei 2026
Naar aanleiding van Staatsblad 2026, nr. 103 worden meerdere wijzigingen doorgevoerd in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) en het Omgevingsbesluit.
De kern van deze wijzigingen?
De implementatie van de EPBD IV wordt nu concreet merkbaar in de Nederlandse bouwpraktijk.
Niet alles verandert tegelijk. De invoering gebeurt gefaseerd tussen 2026 en 2033. Maar juist die gefaseerde aanpak vraagt om extra scherpte bij nieuwbouw, renovatie, verduurzaming, vergunningaanvragen, energielabels en energieprestatieadvies. Volgens de toelichting bij Staatsblad 2026, nr. 103 gaat het onder andere om zonne-energie, laadinfrastructuur, fietsparkeerplaatsen, technische bouwsystemen, gebouwautomatisering en energielabels. (Officiële Bekendmakingen)
Eerste wijzigingen per 29 mei 2026
Vanaf 29 mei 2026 treedt het eerste deel van de wijzigingen in werking. Dit sluit aan bij de uiterste implementatiedatum van de EPBD IV. Ook RVO geeft aan dat Nederland vóór eind mei 2026 veel elementen uit de richtlijn onderdeel maakt van nationaal beleid. (RVO.nl)
1. Artikel I, onderdelen A, B, C, D, G, K, L, O, R, onderdeel 1, T, V, W, X, Y,
AA, onderdeel 1, AC, AE, AF, AG, AH, AI, AJ, AL, AN, AO, AP, AQ, AR, AS,
AT, AU, AV, AW, AX en artikel II, onderdelen B en C, treden in werking met
ingang van 29 mei 2026. Indien het Staatsblad waarin dit besluit wordt
geplaatst, wordt uitgegeven na 29 mei 2026, treden deze onderdelen in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het
Staatsblad waarin zij worden geplaatst.
Voor de bouwpraktijk betekent dit dat diverse onderwerpen direct aandacht vragen, waaronder:
- laadinfrastructuur bij nieuwbouw en ingrijpende renovatie;
- aanvullende eisen voor parkeervakken bij utiliteitsbouw en woongebouwen;
- fietsparkeerplaatsen bij nieuwe niet-woongebouwen;
- slimme laadpunten;
- technische bouwsystemen;
- gebouwautomatisering en -controle;
- energieprestatie;
- energielabels en energieprestatieadvies.
Voor partijen die werken met BRL 9500-W, BRL 9500-U, NTA 8800 of de ISSO-opnameprotocollen is dit dus geen wijziging voor “later een keer”. Dit raakt de uitvoering vanaf 29 mei 2026 direct.
Laadinfrastructuur en parkeervakken
Een belangrijk onderdeel van de wijzigingen gaat over laadinfrastructuur.
Bij nieuwbouw of ingrijpende renovatie van niet voor bewoning bestemde gebouwen met meer dan vijf parkeervakken gelden nieuwe eisen. Daarbij moet onder andere worden gekeken naar het aantal parkeervakken, de gebruiksfunctie en het type gebouw.
Voor kantoorgebouwen gelden zwaardere eisen dan voor veel andere gebruiksfuncties. Juist daarom is het belangrijk om deze aspecten al vroeg in het ontwerp- en vergunningproces mee te nemen.
Want één parkeervak meer of minder kan straks zomaar invloed hebben op de eisen die van toepassing zijn.
Bestaande bouw volgt per 1 januari 2027
Vanaf 1 januari 2027 volgen ook verplichtingen voor bestaande bouw.
2. Artikel I, onderdelen M en P, treedt in werking met ingang van
1 januari 2027
Voor niet voor bewoning bestemde gebouwen met meer dan twintig parkeervakken komt er een verplichting voor laadinfrastructuur. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om laadpunten of leidingdoorvoeren voor toekomstige laadvoorzieningen.
Ook hierbij geldt: de impact zit niet alleen in de techniek, maar vooral in de voorbereiding. Wie te laat kijkt naar gebruiksfunctie, parkeersituatie, eigendom, renovatiemoment of vergunningaanvraag, loopt het risico dat eisen pas laat in beeld komen.
En dan wordt het meestal niet eenvoudiger. Of goedkoper.
De planning loopt verder door
De invoering stopt niet in 2027. De EPBD IV wordt stapsgewijs verder verwerkt in de Nederlandse regelgeving. IPLO geeft aan dat de regels gefaseerd ingaan tussen 2026 en 2033. (Informatiepunt Leefomgeving)
Belangrijke momenten zijn onder andere:
- 1 januari 2028: onder andere eisen voor zonne-energie bij bestaande overheidsgebouwen groter dan 2.000 m² en automatische lichtregeling;
3. Artikel I, onderdelen E, F, H, Q, R, onderdeel 2, U, Z, AA, onderdeel 2, AD, AK en AM, treedt in werking met ingang van 1 januari 2028.
- 1 januari 2029: uitbreiding van de zonne-energie-eis naar overheidsgebouwen groter dan 750 m²;
4. Artikel I, onderdeel I, treedt in werking met ingang van 1 januari 2029
- 1 januari 2030: verlaging van de grens voor gebouwautomatisering en -controle van 290 kW naar 70 kW;
5. Artikel I, onderdeel S en AB, treedt in werking met ingang van
1 januari 2030.
- 1 januari 2031: uitbreiding van de zonne-energie-eis naar overheidsgebouwen groter dan 250 m²;
6. Artikel I, onderdeel J, treedt in werking met ingang van 1 januari
2031.
- 1 januari 2033: aanvullende eisen voor voorbekabeling bij gebouwen van of in gebruik door overheidsinstanties.
7. Artikel I, onderdeel N, treedt in werking met ingang van 1 januari
2033.
Onderdelen rond het nationaal renovatieplan gebouwen treden op een later moment in werking via koninklijk besluit. (Officiële Bekendmakingen)
Wat betekent dit voor de praktijk?
Deze wijzigingen zijn niet iets wat je “er even bij doet”.
Voor gebouweigenaren, adviseurs, gemeenten, ontwerpers, aannemers, EP-adviseurs en certificaathouders wordt het belangrijk om vroeg in het proces te kijken naar:
- de gebruiksfunctie van het gebouw;
- het aantal parkeervakken;
- nieuwbouw, bestaande bouw of ingrijpende renovatie;
- eigendom of gebruik door een overheidsinstantie;
- technische bouwsystemen;
- energieprestatie;
- energielabel;
- vergunningmoment;
- toepasselijke BRL;
- opnameprotocol en dossiervorming.
Want één datum verschil kan straks ook één set eisen verschil betekenen.
En zoals vaker in bouwregelgeving: de kleine lettertjes staan niet alleen onderaan de pagina, maar ook tussen de jaartallen.
ROWIQ helpt bij grip op kwaliteit en regelgeving
De wijzigingen rondom EPBD IV raken niet alleen de inhoud van projecten, maar ook de manier waarop organisaties hun kwaliteitssysteem, werkwijze en aantoonbaarheid inrichten.
ROWIQ ondersteunt organisaties bij het opzetten, onderhouden en verbeteren van kwaliteitssystemen. Denk aan certificering, interne processen, dossiervorming, audits en praktische ondersteuning bij regelingen zoals BRL 9500 en energieprestatieadvies.
Werk je aan nieuwbouw, renovatie, verduurzaming of energieprestatieadvies?
Dan is dit een goed moment om de planning, scope en werkwijze naast de nieuwe eisen te leggen.
Zo voorkom je verrassingen in het traject.
En houd je grip op kwaliteit, aantoonbaarheid en uitvoering.
Meer weten?
Wil je weten wat deze wijzigingen betekenen voor jouw organisatie, kwaliteitssysteem of werkwijze rondom BRL 9500?
Neem contact op met ROWIQ via het onderstaande formulier. We denken graag praktisch met je mee.